Context
Bij een niet-verblijfshouder kan het adres uit het Rijksregister niet als betrouwbaar domicilieadres worden gebruikt.
Wanneer een persoon die niet in België verblijft hier overlijdt, zal naar aanleiding van het overlijden een Rijksregisternummer worden aangemaakt. Het adres dat daarbij in het Rijksregister wordt geregistreerd, is echter geen werkelijk buitenlands domicilieadres. Hierdoor kan bijvoorbeeld de gemeente van overlijden als Belgische verblijfplaats geregistreerd staan.
Tot nu toe kon dit adres na verrijking vanuit het Rijksregister terechtkomen in gegevens die eLys doorgeeft aan onder andere de gemeente van overlijden, Departement Zorg en het crematorium.
Met deze wijziging herkent eLys wanneer iemand een niet-verblijfshouder is en wordt voor deze personen het domicilieadres uit de vaststelling van de arts behouden.
Wanneer dit domicilieadres niet correct werd ingevuld door de arts, krijgt de gemeente van overlijden bovendien de mogelijkheid om het te corrigeren.
Voor een model IIID is dezelfde logica van toepassing op het domicilieadres van de moeder.
Beschrijving van de wijzigingen
Domicilieadres in plaats van verblijfplaats
In de eLys-webtoepassing voor artsen wordt duidelijker gemaakt welk adres verwacht wordt.
De benaming Verblijfplaats wordt vervangen door Domicilieadres.
Bij een model IIID wordt dit Domicilieadres van de moeder.
Hiermee willen we vermijden dat bijvoorbeeld het adres van een ziekenhuis, vakantieverblijf of andere tijdelijke verblijfplaats wordt ingevuld. Het gaat om het adres waar de persoon werkelijk gedomicilieerd was.
Automatische herkenning van een niet-verblijfshouder
ELys bepaalt automatisch op basis van de gegevens uit het Rijksregister of een persoon een niet-verblijfshouder is.
Deze informatie kan niet manueel door een gebruiker worden ingesteld.
De verschillende API's worden uitgebreid met een indicatie:
nietVerblijfshouder: true/false
Voor een niet-verblijfshouder wordt het domicilieadres uit de vaststelling niet overschreven door het adres uit het Rijksregister.
De gebruikte volgorde wordt daardoor:
-
Indien de gemeente van overlijden het domicilieadres heeft gecorrigeerd: gebruik de correctie van de gemeente.
-
Anders, indien het om een niet-verblijfshouder gaat: gebruik het domicilieadres uit de vaststelling.
-
Voor andere personen blijft het Rijksregister de referentiebron.
Correctie door de gemeente van overlijden
Een arts beschikt niet altijd over het correcte domicilieadres. Daarom kan de gemeente van overlijden het domicilieadres van een niet-verblijfshouder corrigeren.
Deze mogelijkheid bestaat uitsluitend wanneer eLys kan vaststellen dat het om een niet-verblijfshouder gaat.
De correctie is van toepassing op:
-
de overledene bij een model IIIC;
-
de moeder bij een model IIID.
Na een correctie wordt het door de gemeente ingegeven adres de actuele waarde die eLys verder doorgeeft aan de betrokken partijen.
De correctie wordt eveneens opgenomen in de historiek van het dossier.
API-wijzigingen voor integratoren
Deze wijziging is niet breaking: bestaande velden worden niet verwijderd. Er worden bijkomende velden en informatie toegevoegd en voor niet-verblijfshouders verandert de bron waarvan het domicilieadres afkomstig is.
Integratoren die strikt valideren op het API-schema moeten er wel voor zorgen dat nieuwe velden aanvaard worden.
Integratoren van de gemeente van overlijden
Dossiergegevens
Volgende endpoints worden uitgebreid:
GET /burgerlijke-stand/v2/dossiers
GET /burgerlijke-stand/v1/dossiers/{dossiernummer}
GET /burgerlijke-stand/v1/dossiers/gewijzigd
Voor een niet-verblijfshouder bevat inwonerschap voortaan het correcte domicilieadres:
-
bij IIIC: het domicilieadres van de overledene;
-
bij IIID: het domicilieadres van de moeder.
Wanneer de gemeente zelf een correctie heeft uitgevoerd, heeft deze correctie voorrang.
Daarnaast worden de verschillende bronnen van het adres afzonderlijk beschikbaar gemaakt:
-
vaststellingGegevens.inwonerschap: domicilieadres zoals doorgegeven in de vaststelling; -
wijzigingenLokaalBestuur.inwonerschap: gecorrigeerd domicilieadres zoals doorgegeven door de gemeente, indien van toepassing.
Hierdoor kan een integrator zowel het actuele adres als de oorsprong ervan raadplegen.
Indicatie niet-verblijfshouder
In de persoonsgegevens wordt bijkomend aangegeven of een persoon als niet-verblijfshouder gekend is:
nietVerblijfshouder: true/false
Deze indicatie wordt door eLys afgeleid uit de Rijksregistergegevens en kan niet door de gemeente zelf worden gewijzigd.
Domicilieadres corrigeren
Er wordt een nieuw endpoint voorzien waarmee de gemeente van overlijden het domicilieadres kan corrigeren.
-
PUT /burgerlijke-stand/v1/dossiers/{dossiernummer}/domicile-address
Dit endpoint kan enkel worden gebruikt wanneer het volgens de gegevens in eLys om een niet-verblijfshouder gaat.
De gemeente hoeft daarbij niet aan te geven of de correctie betrekking heeft op de overledene of op de moeder. eLys leidt dit af uit het type vaststelling.
De definitieve endpointnaam en het requestmodel worden opgenomen in de Swagger-documentatie.
Wanneer een correctie wordt uitgevoerd:
-
wordt deze bewaard als wijziging door het lokaal bestuur;
-
wordt het actuele
inwonerschapaangepast; -
wordt het dossier opnieuw als gewijzigd aangeboden;
-
wordt het gecorrigeerde adres verder gebruikt in de gegevens voor andere betrokken partijen.
Statistische gegevens
Ook volgend endpoint wordt aangepast:
GET /burgerlijke-stand/v1/dossiers/{id}/statistische-gegevens
Voor een model IIIC wordt informatie over een eventuele gemeentelijke correctie beschikbaar onder de persoonsgegevens van de overledene.
Voor een model IIID gebeurt dit voor de moeder.
Het adres dat onder de gegevens voor Departement Zorg wordt aangeboden, houdt automatisch rekening met deze correctie.
Uitvaartintegratoren
Volgend endpoint wordt uitgebreid:
GET /uitvaart/v1/dossiers/{dossierNummer}
Onder verblijfsAdres wordt toegevoegd:
nietVerblijfshouder: true/false
Voor een niet-verblijfshouder bevat verblijfsAdres het domicilieadres uit de vaststelling of, indien de gemeente dit ondertussen heeft gecorrigeerd, het gecorrigeerde domicilieadres.
Bij een model IIID heeft deze informatie betrekking op de moeder.
Er is geen verplichte functionele actie voor uitvaartintegratoren. De indicatie kan bijvoorbeeld gebruikt worden wanneer het domicilieadres wordt weergegeven of gebruikt om de vermoedelijke gemeente of plaats van begraven te bepalen.
Crematoriumintegratoren
Volgend endpoint wordt uitgebreid:
GET /crematorium/v1/toestemmingen
Onder woonplaats wordt toegevoegd:
nietVerblijfshouder: true/false
Voor een niet-verblijfshouder wordt als woonplaats niet langer het fictieve Belgische adres uit het Rijksregister gebruikt.
eLys levert:
-
het domicilieadres uit de vaststelling; of
-
het door de gemeente van overlijden gecorrigeerde domicilieadres indien er een correctie gebeurde.
Bij een model IIID heeft deze informatie betrekking op de moeder.
Integratoren wordt aangeraden deze waarde als bron te gebruiken voor de woonplaatsgegevens die bijvoorbeeld in het kader van het crematieregister worden verwerkt.
Begraafplaatsintegratoren
Volgend endpoint wordt eveneens uitgebreid:
GET /begraafplaats/v1/toestemmingen
Onder woonplaats wordt toegevoegd:
nietVerblijfshouder: true/false
Ook hier bevat woonplaats voor een niet-verblijfshouder het domicilieadres uit de vaststelling of de latere correctie door de gemeente van overlijden.
Bij een model IIID heeft deze informatie betrekking op de moeder.
Er is hiervoor geen verplichte functionele actie voor begraafplaatsintegratoren.
Departement Zorg
Volgende endpoints worden aangepast:
GET /datadeling/v1/vaststellingen/{id}
GET /datadeling/v1/vaststellingen
Aan inwonerschap wordt toegevoegd:
nietVerblijfshouder: true/false
Voor een model IIID wordt dezelfde informatie toegevoegd aan:
moeder.inwonerschap.nietVerblijfshouder
Voor niet-verblijfshouders wordt het domicilieadres uit de vaststelling gebruikt, tenzij de gemeente van overlijden het adres ondertussen heeft gecorrigeerd.
Voor een buitenlands domicilie wordt richting Departement Zorg enkel het land doorgegeven. Een Belgische gemeente die eventueel bij de creatie van de niet-verblijfshouder in het Rijksregister werd geregistreerd, wordt niet als domicilie doorgegeven.
Impact en vereiste acties voor integratoren
De API-wijzigingen zijn schema-technisch niet breaking.
Integratoren moeten wel rekening houden met volgende wijzigingen:
-
het veld
nietVerblijfshouderkan bijkomend aanwezig zijn bij adresgegevens; -
voor niet-verblijfshouders kan de waarde van het domicilieadres verschillen van het adres dat rechtstreeks uit het Rijksregister zou worden verkregen;
-
een correctie door de gemeente van overlijden krijgt voorrang op zowel het adres uit de vaststelling als het adres uit het Rijksregister;
-
integratoren van de gemeente van overlijden kunnen het nieuwe endpoint gebruiken om een foutief domicilieadres te corrigeren.
Toepassingen die onbekende responsevelden niet automatisch toelaten, moeten hun API-model aanpassen vóór ingebruikname van deze versie.